’De infrastructuur voorbereiden op de toekomst draait niet om ambitie, maar om uitvoerbaarheid,’ stellen algemeen directeur Remco Hoeboer, divisiedirecteur Rutger de Jong en afdelingshoofd Ontwerp & Voorbereiding Arjan Verweij van Mobilis. De rol van hoofdaannemer van complexe infraprojecten verschuift naar verbinden en slimmer ontwerpen.
’We staan voor een complexe opgave. Er zijn meer grote projecten dan er mensen en middelen beschikbaar zijn,’ is hun bondige samenvatting van de bouwopgave voor de komende tien jaar. Bestaande bruggen, tunnels, sluizen en wegen uit de jaren ’50 en ’60 zijn toe aan groot onderhoud, ook omdat de verkeersintensiteit explosief is gegroeid. Daarbovenop komt een spanningsveld van schaarste aan budget, capaciteit aan mensen en strengere milieunormen.’ Deze uitdaging vraagt om meer aandacht vanuit de overheid, en om een schaalsprong in productieverhoging, aldus Hoeboer. Dit alles moet gebeuren met zo min mogelijk verstoringen en belemmeringen voor het verkeer. ’Oftewel, we moeten de verbouwingen doen met de winkel open,’ zegt De Jong. Tegelijkertijd wordt hard gewerkt aan de verzwaring en het toekomstbestendig maken van het energienetwerk en de modernisering van waterzuiveringen. Uitdagingen genoeg kortom, waarbij Mobilis een leidende maatschappelijke rol kan en wil spelen. ’Wij noemen ons de verbindende hoofdaannemer, met aan de ene kant de opdrachtgever en aan de andere kant strategische partners met unieke technologieën.’ Mobilis zoekt daarbij nadrukkelijk de samenwerking op en biedt maatschappelijke meerwaarde.
’Brown field’ bouwen
In deze gezamenlijke opgave zou de overheid meer als regisseur kunnen optreden. Vanzelfsprekend voor passende budgetten, maar ook door de maatschappelijke opgaves en aanbestedingen beter op elkaar af te stemmen, om zo een betere benutting van middelen te bewerkstelligen. ’Onderhoud en renovatie van de bestaande infrastructuur – ’brown field’ bouwen – vraagt om meer planning, capaciteit en multidisciplinaire vaardigheden dan ’green field’ nieuwbouw. Verweij: ’Daar waar wegen en vaarwegen elkaar kruisen, heb je vaak beperkte omrijdmogelijkheden. Dat is het spanningsveld bij het opknappen van infrastructuur in de bestaande omgeving.’ Waarbij het ook nog eens bijna onvermijdelijk is dat je onderweg op tegenvallers stuit. Dat betekent dat er meer regie én meer flexibiliteit in budgetten en stremmingen moet komen. Hoeboer maakt een vergelijking met het onderhoud aan een oud huis. ’Jarenlang is structureel te weinig geïnvesteerd in onderhoud. En iedereen weet: hoe langer het wacht, hoe meer problemen en hoe duurder het wordt. Er is simpelweg te weinig geld opzijgezet. Willen we Nederland bereikbaar houden, dan moeten we twee kanten op accepteren dat we niet in een maakbare wereld leven. We zijn nog steeds het meest brave jongetje van de klas als het om procedures gaat. Dat levert veel praatgeld op en te weinig concreet resultaat. We moeten echt slimmer, pragmatischer en flexibeler worden. Mobilis heeft als verbindende bouwer een duidelijk beeld hoe we als bouwsector de noodzakelijke productieverhoging kunnen realiseren.’
Clustering van projecten
In de traditionele aanpak wordt elke opdracht als eenmalig, uniek project in de markt gezet. Dat werkt bij nieuwbouw, maar bij ’brown field’ bouwen is clusteren in mandjes van repeteerbare projecten veel logischer, zegt De Jong. ’Dan ontstaat een leereffect en kun je standaardiseren en modulariseren. Mensen en partijen raken op elkaar ingespeeld. En je kunt investeren in innovatieve werkmethoden, wat allemaal bijdraagt aan het verkorten van de doorlooptijd.’ Een voorbeeld is het onderhoud en de vernieuwing van onderstations voor TenneT. ’Van buiten zijn ze telkens anders, maar heel veel deelproducten en uitgangspunten zijn hetzelfde, waardoor we de doorlooptijden kunnen verkorten. Daarin heeft Mobilis grote stappen gezet door een uniek modulair gestandaardiseerd, doch flexibel funderingssysteem te ontwikkelen (zie foto). Door te standaardiseren wil Mobilis de schaarse capaciteit kunnen inzetten voor de andere uitdagingen, zoals de technische uitdagingen die bijvoorbeeld de renovatie van een bestaande brug kent. Mobilis past dit toe bij aansprekende projecten, zoals prefabricage van gehele viaducten die met minimale hinder in korte tijd op hun plek worden geschoven, zoals de spooronderdoorgang in Venlo, en het nieuwe viaduct in de N211.’






