Steeds meer bedrijven verdienen aan hergebruik en reparatie. De organisatie Het Groene Brein verbindt wetenschappelijke kennis met ondernemers, om circulaire kansen te verzilveren.
Ikea opent inleverpunten voor kussens en dekbedden om ze te recyclen, Zeeman verkoopt tweedehands kleding naast nieuwe en verhuisbedrijf Top Movers repareert kantoormeubels en zet ze opnieuw in de markt. De circulaire beweging groeit. Toch zien ze het bij Het Groene Brein nog dagelijks: bedrijven met innovatieve ideeën over duurzaamheid die moeite hebben om de juiste kennis uit de wetenschap te vinden. ‘Wij hebben 200 wetenschappers in ons netwerk, van alle disciplines en universiteiten,’ zegt Antoine Heideveld, directeur van Het Groene Brein en initiatiefnemer van de Week van de Circulaire Economie. ‘Die verbinden we graag aan concrete vraagstukken uit de praktijk. Want uiteindelijk wordt het verschil gemaakt in de praktijk. Bijvoorbeeld door een reparateur van meubels.’
Reparatie is economisch slim
Reparatie als businessmodel is volgens Heideveld cruciaal voor Nederland. Nog te vaak wordt reparatie gezien als iets minderwaardigs. Terwijl het economisch gezien juist briljant is. ‘Als je meer gaat repareren, ben je in Nederland veel minder afhankelijk van import uit andere landen.’ Heel Nederland Repareert is een initiatief dat van 19 tot en met 27 maart 2026 ook meedoet aan de Week van de Circulaire Economie, met een campagne specifiek gericht op reparatie, in samenwerking met gemeenten.
Volgens Heideveld worden met reparatie ook nieuwe banen gecreëerd. ‘Reparatie is leuk werk, goed betaald en duurzaam. De toegevoegde waarde van reparatieactiviteiten is in Nederland sinds 2001 al met 75 procent toegenomen. Het biedt net als andere circulaire strategieën een uitgelezen kans voor Nederland om met een slim verdienmodel zelfstandiger en economisch weerbaarder te worden.’






