Voor meer dan vier miljoen Nederlanders is deelname aan de digitale samenleving niet vanzelfsprekend. Het lukt hen niet om zelfstandig te werken met patiëntenportalen, zorgapps en DigiD. In de zorg kan dit grote gevolgen hebben, weet Wietske Kamsma van de Alliantie Digitaal Samenleven.
‘DIGITALE DIENSTEN MOETEN OP ZO’N MANIER ZIJN ONTWORPEN DAT ZE AANSLUITEN BIJ DE LEEFWERELD VAN DE GEBRUIKER’
Anesthesiologen ontvangen regelmatig patiënten onvoorbereid voor een operatie. En daar zijn zij niet blij mee. Wat blijkt: de patiënt heeft via het portaal alle informatie ontvangen, maar kan zelf niet inloggen. Het is geen onwil van de patiënt, er speelt veel meer dan ‘willen’ om optimaal gebruik te kunnen maken van digitale zorg. ‘Dan merk je hoe afhankelijk we zijn van de digitalisering’, legt Kamsma uit.
Doordat ontwikkelaars hun digitale producten vooral vanuit hun eigen leefwereld maken, sluiten die nog te vaak niet aan op de leefwereld van de gebruikers. ‘Het is niet altijd mensgericht genoeg’, aldus de kwartiermaker. ‘Het helpt als digitale diensten op zo’n manier zijn ontworpen dat ze aansluiten bij de leefwereld van de gebruiker en dat ze toegankelijk, gebruiksvriendelijk en veilig zijn.’
Is dat niet het geval, dan kan het grote gevolgen hebben voor de zorg. ‘Als we mensen niet goed begeleiden naar digitalisering, kunnen zij zorg gaan mijden’, vertelt Kamsma. ‘Er zijn mensen die hun afspraken niet in het portaal zien en dus niet komen opdagen. De schade wordt alleen maar groter, de zorgkosten hoger… De gevolgsschade is groot en kan zelfs tot overlijden leiden.’
Eenvoudig hulp inschakelen
En dat terwijl de digitalisering mensen zoveel kan brengen. ‘Beeldbellen in plaats van naar het ziekenhuis komen scheelt al tijd en geld. Of denk aan spraakgestuurde verslagen voor artsen: zij kunnen je dan in de ogen kijken in plaats van steeds op een scherm.’ De Alliantie Digitaal Samenleven pleit voor gedeelde verantwoordelijkheid voor mensgerichte digitalisering: ‘Mensen moeten zelf kunnen kiezen hoe en wanneer zij digitale middelen gebruiken. Daarbij moeten zij eenvoudig hulp kunnen inschakelen’, begint Kamsma. ‘Daarnaast hebben zorgprofessionals meer tijd, kennis en mandaat nodig om digitale middelen goed in te zetten en mensen te begeleiden. Het is belangrijk dat ondersteuning dichtbij beschikbaar is.’
‘Het gaat erom dat mensen een geschikt en veilig apparaat hebben en moeten systemen begrijpelijk en gebruiksvriendelijk zijn’, besluit de kwartiermaker. ‘Dit vraagt ook om duidelijke wet- en regelgeving. Dit is essentieel om te voorkomen dat bepaalde groepen worden buitengesloten van de voordelen van de digitale samenleving.’
UITGELICHT
Mensgerichte digitalisering betekent dat digitale technologie wordt ontwikkeld en ingezet vanuit de leefwereld, behoeften en mogelijkheden van mensen. Zij worden betrokken bij de ontwikkeling, houden zelf de regie en kunnen rekenen op passende ondersteuning en volwaardige niet-digitale alternatieven. De vraag is of wij als samenleving de voorwaarden op orde hebben om iedereen te laten deelnemen. De voordelen ontstaan namelijk pas als digitale zorg voor iedereen werkt. ‘Het beleid zet in op ‘‘zelf als het kan, thuis als het kan en digitaal als het kan’’,’ aldus Wietske Kamsma, kwartiermaker bij de Alliantie Digitaal Samenleven. ‘De woorden ‘‘als het kan’’ zijn essentieel. Voor veel mensen kan het nu nog niet, omdat hun digitale basis, de ondersteuning vanuit organisaties of het ontwerp van systemen tekortschiet.’
De zorg moet digitalisering optimaal benutten, maar heeft de verantwoordelijkheid dit mensgericht te doen. Zorginstellingen, verzekeraars, leveranciers en beleidsmakers dragen hier gezamenlijk aan bij. De Helpdesk Digitale Zorg (085-1304575) ondersteunt bij digitale zorgvragen, zoals de zorgportalen en thuismonitoring. Daarnaast kan je voor andere digitale vragen ook terecht bij buurthuizen, bibliotheken of de gratis DigiHulplijn (0800-1508) bellen. Kamsma: ‘Het begint vaak met vragen, maar ook met luisteren. Op die manier kunnen we de digitalisering van meer mensen in gang zetten.’






