Nederlandse boeren willen graag verder verduurzamen, maar vooral trage procedures remmen investeringen af. LTO-voorzitter Koopmans pleit voor minder belemmeringen en meer tempo.
Van melkveehouders, pluimveehouders en paddenstoelentelers tot konijnenhouders, fruittelers en boomkwekers. De belangen van deze en alle andere ondernemers in de land- en tuinbouw worden behartigd door LTO Nederland. De sector streeft een duurzame voedselproductie na, zegt voorzitter Ger Koopmans. ‘Een Nederlandse consument kan dankzij onze boeren en tuinders rekenen op veilige, smakelijke en altijd beschikbare producten. Maar ook op duurzame producten. In Nederland zijn de eisen streng en de handhaving is goed georganiseerd. Tegelijkertijd staan ondernemers te popelen om nog verder te gaan op het gebied van duurzaamheid, om nog meer te investeren.’
Minder belemmerende regels
Tussen droom en daad staan echter wetten in de weg, en praktische bezwaren. Verdere verduurzaming is voor boeren en tuinders in Nederland namelijk niet eenvoudig. Koopmans: ‘Verdere verduurzaming begint met het wegnemen van belemmerende regels. Een bekend voorbeeld zijn natuurlijk de stikstofregels die verduurzaming bemoeilijken. Maar ook de toelating van sommige groene middelen, zoals gewasbeschermingsmiddelen, gaat uiterst traag. Daardoor komt verdere vergroening van de sector in de knel.’ Veel van die regels, maar met name de traagheid, zou Koopmans willen wegnemen. ‘Of het nu om duurzame stallen, systemen of toepassingen gaat, de goedkeuring ervan moet echt in veel hoger tempo dan nu. Het is niet ongebruikelijk dat het nu tien jaar duurt voordat een duurzaam stalsysteem is goedgekeurd. En tegen die tijd zijn er alweer veel betere alternatieven beschikbaar. Dat helpt de sector natuurlijk niet om te investeren. Er moet veel meer energie, meer lef en meer tempo komen.’
Op weg naar nóg duurzamer eten
Daar komt bij dat verduurzaming op verschillende manieren complex is. ‘Neem het houden van pluimvee waarover in een convenant onlangs nieuwe afspraken zijn gemaakt,’ zegt Koopmans.’ Er is een groeipad uitgestippeld naar meer ruimte voor bijvoorbeeld kippen en kalkoenen. Maar meer ruimte betekent ook meer stikstofuitstoot.’ Zo zijn er ook andere dingen die wringen. ‘Politici die nu pleiten voor krimp van de veestapel vergeten dat dit zal leiden tot hogere prijzen in de supermarkt. Of consumenten dit accepteren is de vraag: ze zouden via belastingen meebetalen én in de supermarkt meer moeten neertellen.’ De boodschap van Koopmans is duidelijk: de landbouw- en tuinbouwsector in Nederland is al duurzaam en wil graag verdere investeringen doen. Daar is wel wat voor nodig. Minder belemmeringen en slimme keuzes zijn een belangrijke eerste stap op weg naar nóg duurzamer eten.






