De enorme tekorten op de woningmarkt vragen om een systeemverandering. De slimme oplossing van Moos verbindt duurzaamheid direct aan betaalbaarheid. ‘We sturen op langetermijnwaarde, we zien woningen als een opslagplek van waardevolle grondstoffen.’
De problemen op de woningmarkt los je niet op met meer van hetzelfde
Met eigen ogen zien hoe je met een slimme oplossing de enorme tekorten op de woningmarkt aanpakt? Neem een kijkje in Amsterdam-Noord, aan de Appelweg, op een sfeervolle plek pal aan het water, weg. Daar verrezen twee energiezuinige appartementencomplexen met 63 woningen. Tijdelijk, omdat een permanente bouwvergunning pas kan worden afgegeven na een kostbare bodemsanering. Veel gemeenten in Nederland zitten met dat soort terreinen in hun maag. Deze zijn ingepast in een grotere gebiedsontwikkeling, maar kunnen door allerlei regels pas over 10, 15 of 20 jaar ontwikkeld worden. Door er tijdelijk woningen neer te zetten gecombineerd met een financiële oplossing, kan het krappe woonaanbod toch worden aangevuld. ‘We wonnen er prompt een enorme prijs mee,’ zegt Joost Hoffman, directeur van Moos, het bedrijf dat het project in opdracht van woningcorporatie Ymere uitvoerde. ‘Dat was de Built By Nature Award, voor het meest duurzame en schaalbare bouwsysteem.’ Hoffman is trots én was verbaasd: ‘Op dat moment waren we met Moos pas tweeënhalf jaar aan het bouwen – en dan word je uit 400 inzendingen wereldwijd gekozen. Dan doe je dus iets goed.’
Visionair
Hoffman is wat je noemt een visionair binnen een markt die lijkt vastgelopen. ‘We begonnen met Moos omdat we het woningtekort enorm zagen oplopen én we ervan overtuigd waren dat het systeem moet worden aangepast. Met de huidige manier van bouwen kunnen er simpelweg niet genoeg woningen worden gerealiseerd om het tekort te dichten. Er is te weinig gespecialiseerd personeel, de bouwprojecten zijn niet efficiënt ingericht, zo zijn er heel veel obstakels.’ Met andere woorden: de problemen op de woningmarkt los je niet op met meer van hetzelfde. Het systeem moet aangepast. Door verantwoordelijkheden anders te organiseren, maak je wonen betaalbaar. Duurzaamheid is een randvoorwaarde voor betaalbaarheid. Dat klinkt wellicht wat vreemd omdat we jarenlang gehoord hebben dat duurzaamheid duur is, maar inmiddels is het tegenovergestelde waar. De vervuilende industrieën moeten simpelweg betalen voor de emissies die ze veroorzaken. Schone industrieënhoeven dat vanzelfsprekend niet. Door duurzame keuzes te maken en dus gebouwen te maken met een heel lage CO2-footprint betaal je dus minder. Wij zorgen voor betaalbaarheid door onze extreem duurzame bouwmethode. Na jarenlang van investeren is die kernwaarde voor corporaties, zorginstellingen en beleggers bepalend voor de keuze voor Moos.
En juist omdat de woningen van Moos vrijwel geheel circulair zijn uitgevoerd, hebben ze een restwaarde die ze interessant maken voor woningcorporaties. Hoffman: ‘Die kijken naar de total cost of ownership en die is eigenlijk veel beter dan bij de traditionele bouw. We sturen op langetermijnwaarde, we zien woningen als een soort opslagplek van waardevolle grondstoffen die we ooit weer op een heel andere manier kunnen gebruiken.’ Hoffman is optimistisch over de rol van Moos als gamechanger op de woningmarkt. ‘Steeds meer woningcorporaties weten ons te vinden. In Helmond gaan we een woontoren van 19 verdiepingen neerzetten.
Geen productiehal maar een assemblagelijn
Moos heeft bijna duizend woningen in Nederland neergezet, en betaalbaar en duurzaam zijn ze. Moos werkt met een partner ecosysteem en bewust zónder productiehal. We werken samen met zeventien Nederlandse familiebedrijven, echte specialisten met soms meerdere generaties aan kennis van de woningbouw. Zij leveren de halffabricaten, de modules, denk aan de vloeren en wanden. Ze komen naar onze assemblagelijn en zetten daar met hun eigen mensen hun eigen spullen in elkaar.’ De efficiëntie is erg hoog, vertelt Hoffman, net als de snelheid waardoor de prijs naar beneden kan. ‘We kunnen snel veel woningen leveren die betaalbaar zijn voor de opdrachtgever. En op kwaliteit leveren we niet in, in tegendeel.’






