Met oktober keert ook het stookseizoen terug. Nu de dagen korter worden en de verwarming weer standaard aangaat, wordt direct zichtbaar hoe goed een gebouw daadwerkelijk is afgesteld. Juist dan blijkt dat nieuwbouw en gerenoveerde woningen hun energiebesparende potentieel lang niet altijd waarmaken.
Een nieuwe cv-ketel, extra isolatie of een warmte- pomp: de energietransitie draait grotendeels om investeringen in nieuwe technologie. Toch is die techniek maar het halve verhaal. Minstens zo belangrijk is of installaties goed op elkaar zijn afgesteld en daadwerkelijk doen wat ze zouden moeten doen. In de praktijk blijkt dat geregeld niet het geval, met hogere energierekeningen en comfortklachten tot gevolg, zodra de temperatuur buiten daalt.
De kloof tussen ontwerp en praktijk
Gebouwen en appartementen worden vaak opgeleverd met verkeerd afgestelde of slecht op elkaar ingestelde technische systemen voor verwarming, ventilatie en koeling. Dat ontstaat niet per se door slecht werk, maar doordat het daadwerkelijke gebruik van een gebouw vaak afwijkt van waar het systeem oorspronkelijk voor is ontworpen. Een installatie die op papier klopt, kan in de praktijk toch tegenvallen zodra bewoners er anders mee omgaan dan voorzien. Dat is lastig te signaleren door de partij die het werk zelf heeft uitgevoerd. Een aannemer of installateur die het eigen werk controleert, ziet immers minder snel de eigen fouten. Een onafhankelijke blik, na oplevering van een gebouw, legt die afwijkingen wel bloot. Dat kost een opdrachtgever in eerste instantie geld, maar levert dat op termijn ook weer op: gevonden fouten en beter ingeregelde installaties zijn direct terug te zien op de energierekening.
Verduurzaming begint bij goed functionerende techniek
Nu het stookseizoen weer begint, wordt extra duidelijk waarom die laatste stap er zo toe doet. Verduurzaming van gebouwen en woningen staat hoog op de agenda, maar het rendement van die investeringen hangt direct af van hoe goed de techniek daadwerkelijk functioneert. Een energiezuinig ontworpen gebouw dat slecht is ingeregeld, presteert in de praktijk vaak een stuk minder goed dan op papier beloofd. Met kouder wordende dagen voor de boeg is dat geen abstracte kwestie, maar iets dat bewoners meteen in hun portemonnee en op de thermostaat merken. Energiemaand is daarmee een goed moment om niet alleen te kijken naar nieuwe installaties, maar ook naar hoe goed de bestaande techniek het werk doet waarvoor die bedoeld is.






