De overstap die de transport- en logistieksector maakt naar elektrisch rijden, is een unieke uitdaging, stelt Roland Ferwerda, directeur Nationaal kennisplatform laadinfrastructuur (NKL). ‘Het is een innovatie waarbij energie, transport en ruimtelijke inrichting samenkomen.’
Verdienmodellen van transport en energie komen steeds meer samen
‘Voor de aanleg van de laadinfrastructuur kun je niet redeneren vanuit de fossiele brandstofeconomie. Je moet weten waar, wanneer en hoeveel er geladen gaat worden. Dat is een vraag die we eigenlijk nooit hebben hoeven te stellen. Je hebt allerlei afhankelijkheden. En daar moet je je energiesysteem op aanpassen,’ aldus Ferwerda.
Kennismanager
In 2030 moet een op de drie vrachtwagens in de EU elektrisch zijn. De overstap naar elektrische vrachtwagens zorgt voor nieuwe uitdagingen en obstakels om weg te werken. NKL is in 2014 opgericht door de marktpartijen, de overheden en netbeheerders om de samenwerking te organiseren. ‘Onze rol van vandaag is die van kennismanager voor de sector.’ Ferwerda noemt de nieuwe laadstations voor zwaar vervoer. ‘Je hebt te maken met eisen rondom draaicirkels, de hoogte en het gewicht. De eisen daarvoor hebben we zelf moeten organiseren.’ Rijkswaterstaat onderzoekt met het Living Lab Heavy Duty Laadpleinen samen met (kennis)partners en marktpartijen hoe laadpleinen in de praktijk werken en wat nodig is om e-trucks efficiënt en veilig te laten rijden. NKL is hierbij als kwartiermaker en kennismanager aangesloten. ‘We kijken wat een trucker als goed ervaart en wat er nog beter moet en kan. Dat levert weer informatie op, bijvoorbeeld over de inrichting van deverzorgingsplaatsen, die we inzetten voor de laadinfra van de toekomst.’
Langjarige consessies
Nederland loopt niet alleen voorop qua laadinfrastructuur zelf, maar herbergt ook een uniek ecosysteem aan innovatieve bedrijven en businessmodellen, stelt Ferwerda. Waar we vooral in uitblinken is het organiseren van ketenoverstijgende dienstverlening,’ verklaart Ferwerda. Als voorbeeld noemt hij Utrecht dat zich positioneert als Vehicle-to-Grid-hoofdstad van de wereld. Een ander voorbeeld is slim laden. ‘Je ziet heel veel innovaties plaatsvinden rondom de informatie die daarvoor nodig is. Dat gaat over maatschappelijke waarde, denk aan de netcongestie, maar ook over het voordeel voor de berijder als de auto minder snel laadt.’ Hij is ten tijde van het interview net terug uit Berlijn. ‘In Duitsland kijken ze naar ons als een succesverhaal. Ze zetten ongeveer dezelfde instrumenten in als wij, en tóch zijn wij qua uitrol van EV en de laadinfrastructuur veel verder. Onze kracht zit in de organisatiegraad van lokale en regionale overheden, de rol van de netbeheerders en de innovatieve kracht van de markt. Overheden hebben vanaf 2008 allerlei instrumenten ingezet om de adoptie van elektrisch rijden te stimuleren en de regie gepakt bij de uitrol van laadpalen in de publieke ruimte. Bijvoorbeeld met langjarige concessies,waardoor het voor laadpaalexploitanten interessant werd om in te stappen. Dat zorgde ervoor dat zakelijke rijders en consumenten het vertrouwen hadden om een elektrische auto te kopen of te leasen. De netbeheerders hebben ElaadNL opgezet en gezegd: die elektrische auto’s komen er gewoon, dat gaan we stimuleren en inpassen in het stroomnet.’ Met de innovaties om de elektrificatie van transport een integraal onderdeel te maken van het energiesysteem, ontstaat er een nieuwe toekomst waarin de verdienmodellen van transport en energie steeds meer samenkomen. Overal in de wereld vinden deze innovaties momenteel plaats, en steeds op een net andere manier, door de specifieke lokale context. ‘In Nederland lopen we wereldwijd voorop, en de uitdagingen die we hier tegenkomen, zien we ook in andere landen. Maar het is een wereldwijde innovatie met steeds betere en slimmere oplossingen, waar Nederland een leidende rol in kan spelen.’






