Sinds 1824 staan vrijwilligers dag en nacht klaar om hulp te bieden aan mensen in noodopzeeenopde ruime binnenwateren. Al generaties lang gaat het reddingwerk over van ouders op kinderen. Het vrijwilligerskarakter wordt gewaardeerd door donateurs. Zo is de KNRM in 200 jaar de sterke, zelfstandige organisatie geworden, die er zelf voor kiest haar taak zonder overheidssubsidie uit te voeren.
‘Hier doen we het voor’
Tot 100 jaar geleden trotseerden moedige vrijwilligers met roeireddingboten de woeste zee als een schip strandde. De roeireddingboten zijn vervangen door zeewaardige, snelle reddingboten. Het reddingwerk veranderde sterk, mede door de watersport en de verbeterde communicatie- en navigatiemiddelen. Meestal kunnen redders door een eenvoudige hulpverlening een groter drama voorkomen. Maar zo nu en dan worden mensen en dieren daadwerkelijk van de verdrinkingsdood gered en zeggen redders: Hier doen we het voor!’ Een treffender uitdrukking is er niet om te zeggen dat de vrijwilligers geen geld als beloning willen. De voldoening over een geslaagde redding en de dankbaarheid van geredden is onbetaalbaar.
Veilig uit, veilig thuis
De vrijwilligers bij de KNRM zijn professioneel opgeleid. Ze zijn bijzonder gedreven om kennis en ervaring op te doen, mede dankzij hun intrinsieke motivatie om redder te zijn. Het verplicht de KNRM er alles aan te doen om te zorgen dat zij veilig kunnen uitvaren en veilig thuiskomen. Dat kan alleen dankzij de betrokkenheid van donateurs!
Redders aan de wal
Wat in die tweehonderd jaar onveranderd bleef, zijn de drie pijlers waarop de KNRM is gefundeerd. Wie hulp nodig heeft, krijgt dat kosteloos. En, net als in 1824, draait de organisatie op vrijwilligers. Ook is de KNRM nog steeds afhankelijk van particuliere giften. Ruim 135.000 donateurs, ook wel Redders aan de wal genoemd, steunen de Redding Maatschappij. Uit liefde voor de nautische wereld of uit bewondering voor de vrijwillige redders die 24/7 paraat staan en levensreddende acties uitvoeren. Veel mensen vinden het daarnaast indrukwekkend hoe de KNRM een belangrijke overheidstaak vervult zónder overheidssteun.
Reddingboten met een naam
Een deel van de donateurs neemt de KNRM op in een schenkingsakte of een testament. Gaat het om een groot bedrag waarvan een reddingboot of boothuis gebouwd kan worden, dan betrekt de KNRM de schenker of nabestaanden bij het bouwproces en de doop. Traditiegetrouw mag de schenker van een reddingboot of boothuis ook de naam bepalen. Dat gebeurde voor het eerst in 1868. Toen schonk de heer Jorna van Eijk een roeireddingboot aan de KNRM en hij sprak daarbij de wens uit dat meer mensen zijn voorbeeld zouden volgen. De reddingboot was bestemd voor het reddingstation Petten en moest de naam dragen van zijn echtgenote en dochter, Constantia en Sophia. Zijn initiatief kreeg gaandeweg vervolg. Tegenwoordig dragen alle reddingboten de naam van de schenker. Zo leven Antoinette, Bertien, Georgine, Alies en Evert voort op het water. Achter alle namen schuilen bijzondere verhalen. Sommige reddingbootnamen gingen de geschiedenis in door heldhaftige reddingen die ermee werden verricht. Zo werd de reddingboot Insulinde niet alleen vermaard doordat het de eerste zelfrichtende reddingboot was, maar ook door reddingbootschippers Mees en Klaas Toxopeus. Hun reddingen spraken tot de verbeelding.
Hechte band tussen schenkers en redders
Twintig jaar geleden belde mevrouw Floor naar de KNRM: ‘Ik belde de KNRM over periodiek schenken”, vertelde ze. ‘In de persoonlijke gesprekken die volgden werd geopperd van mijn schenking een reddingboot te bouwen. Ik vond dat geweldig! Mijn overleden man Evert heeft altijd gezeild. Het stond dan ook vast dat de reddingboot Evert Floor moest heten.’ Mevrouw Floor maakte kennis met de bemanning. ‘Er is een hechte band ontstaan. Die vrijwilligers zijn eersteklas. Trouwens, ik ben bij de KNRM sowieso geen onaardige mensen tegengekomen…’ De naam van Evert op de reddingboot betekende veel voor haar. ‘Evert was een warme man die moeiteloos met iedereen kon omgaan. Hij was een vriend van de visserman én van de directeur. Hij was doortastend én wijs. Nog steeds denk ik bij veel dingen die ik doe wat Evert er van zou denken. Ik weet zeker dat Evert mijn schenkingen aan de KNRM heel goed zou hebben gevonden. Dit past bij hem.’ Mevrouw Floor overleed een paar jaar geleden. Uit haar nalatenschap ontving de KNRM nogmaals een bijdrage waarvan een nieuwe reddingboot op Texel werd bekostigd. Die vaart inmiddels trots rond met de naam ‘Alies en Evert Floor’.
De KNRM als executeur
Ook mensen die kleinere bedragen willen schenken, kunnen deze persoonlijk maken. Mensen kunnen schenken aan een bepaald reddingstation – bijvoorbeeld voor overlevingspakken of helmen. Daarnaast kunnen schenkers kiezen voor een fonds op naam waaraan ze zelf een doel verbinden. We adviseren donateurs om ons te benaderen als ze aan de KNRM willen nalaten. Veel mensen waarderen een persoonlijk gesprek. We denken graag mee over de mogelijke besteding. Om mensen die de KNRM in hun testa- ment opnemen te bedanken, doet de organisatie graag iets terug. Zo kan de KNRM benoemd worden als executeur voor de afwikkeling van een nalatenschap. ‘ Soms zijn mensen onzeker of de persoon die ze als executeur in gedachten hebben, nog in leven is als ze overlijden’, zegt Anneke Salden. ‘We besteden veel zorg aan het executeurschap en voeren het persoonlijk uit. Dit komt neer op het afhandelen van administratieve zaken, het informeren van instanties, het verkopen van een huis en het vinden van een goede nieuw thuis voor huisdieren. Vaak regelen we ook de uitvaart.’ De KNRM bouwt graag een persoonlijke relatie op met de erflater om zijn of haar wensen zo goed mogelijk uit te voeren. Al deze wensen worden vastgelegd in een persoonlijk memorandum en bewaard bij de KNRM.






